Stichting Castraatje Online
Plasproblemen en onzindelijkheid bij hond en kat
 
Onderstaand verhaal is overgenomen van: dierenkliniekamsterdamnoord
 
Onzindelijkheid bij hond en kat
Wij krijgen veel vragen hoe je een kat / hond zindelijk, of weer zindelijk maakt. In deze moderne tijden wordt veelal meteen een gedragsprobleem verondersteld (stress, jaloers, ongelukkig enzovoorts). Maar héél vaak heeft onzindelijkheid bij dieren, die eerst wel zindelijk waren, maar nu niet meer, toch een lichamelijke oorzaak. Ze zijn ziek en na behandeling zal het ongewenst plassen of druppelen weer verdwijnen. Voorbeelden hiervan zijn blaasontsteking, verstopping van de plasbuis, nierproblemen, suikerziekte en nog veel meer. Wij onderzoeken daarom altijd eerst de urine, voordat wij over gedrag gaan praten. Ons eerste advies luidt dan ook : laat de urine van uw dier door uw dierenarts onderzoeken. Deze pagina gaat verder over wat u kunt / moet doen wanneer door uw dierenarts is vastgesteld, dat er geen lichamelijke oorzaken zijn. Voor de duidelijkheid hebben wij 4 stukjes geschreven :
 
Onzindelijkheid bij de pup / jonge hond
Een jonge pup moet zindelijk gemaakt worden. Vaak krijgt de nieuwe eigenaar het advies om de pup eerst krantzindelijk te maken. Maar dit geeft nogal eens problemen om het weer af te leren en het buiten te doen. Een gewoonte afleren is altijd moeilijker dan iets nieuws leren. Beter kunt U van het begin af aan de pup leren dat hij zijn behoefte buiten moet doen. Belangrijk is dat u met uw hondje regelmatig naar buiten gaat, in het begin elke 2,5 uur, en vooral ook als hij net wakker wordt. Ga in het begin steeds naar dezelfde plek. Als hij buiten wat doet beloont u hem uitbundig met iets lekkers, als hij binnen wat doet straft u hem rustig met " foei ". Een pup moet 3 maanden oud redelijk zindelijk zijn en met 4 maanden helemaal. Veel pups zijn al veel eerder zindelijk. Als Uw jonge hond op die leeftijd nog in huis plast zal dat meestal overdag zijn. Het beste wat U dan kunt doen is de hond volkomen negeren. Als U de hond straft en op hem moppert kan de hond dat als " gezellige " aandacht ervaren. Een veel grotere straf is als u hem negeert. Ruim de ontlasting en urine op zonder ophef. Een bench kan daarbij ook als goede " afligplek " fungeren. Het voordeel daarvan is ook dat een hond zijn eigen slaapplaats niet gauw zal bevuilen. Een ander probleem kunnen vreugde / angstplasjes zijn : uw hondje is vrij goed zindelijk maar bij binnenkomst en begroetingen laat hij / zij een plasje lopen. In dat geval moeten u of andere gezinsleden en ook visite en zo bij binnenkomst niet direct aandacht aan de hond schenken maar pas later rustig de hond begroeten. Meestal groeit de pup er dan wel overheen. Indien het ondanks alle pogingen niet lukt uw pup goed zindelijk te krijgen en er is lichamelijk niets mis met ' m dan adviseren wij gedragstherapie.
Onzindelijkheid bij de jong kat
Een jong katje zindelijk maken is eigenlijk heel makkelijk. Geef het kitten een kattenbak waar het gemakkelijk op kan komen dus met een lage rand. Zet hem er een paar keer op en meestal zal het katje de bak gelijk gebruiken. Zet de kattenbak niet vlak naast de plek waar het katje eet. Als uw huis groot is zet de kat dan eerst in één kamer, waar de kattenbak is. Voor een klein katje is het anders soms moeilijk om de kattenbak weer te vinden als hij door het hele huis mag hollen. Gaat het niet zo makkelijk als hier beschreven dan is er eigenlijk iets mis met het leerproces of is het kitten te jong van zijn moeder gehaald. Het zal dan veel tijd en geduld gaan kosten. Op de tijden dat u niet op uw katje kunt letten moet u het opsluiten in een echt kleine ruimte, beter nog een kooi, met een kattenbak, zodat het katje wel gedwongen is op de bak te gaan. Als het kitten los rond loopt hou hem dan goed in de gaten en zet hem regelmatig op de bak, zodat het een gewoonte wordt om de behoefte op de bak te doen. Help ook met het begraven van de ontlasting door met zijn voorpootje door het zand te graven en het drolletje te bedekken. U moet dit dan geduldig volhouden, tot hij het eindelijk begrijpt. Maar in principe hoort een jong katje zonder enig probleem vanzelf zindelijk te worden.
Plasproblemen bij de volwassen hond
Een volwassen hond die als pup zindelijk is gemaakt en op tijd wordt uitgelaten zal niet gauw onzindelijk worden. Er zijn nog wel eens macho reuen die de stoelpoten markeren bij u thuis of erger nog juist bij degene waarbij u op visite komt. Dit is territoriumgedrag. De hond wil laten zien dat dit zijn territorium is. Als dit vaker gebeurt zodat het een probleem wordt kunt u de hond laten castreren. U kunt uw dierenarts vragen eerst een injectie te geven om zijn testosteron omlaag te brengen. Als hij het dan niet meer doet, zal castratie helpen. Een ander probleem is het lekken van teven, wat wij passieve incontinentie noemen. Oudere, gesteriliseerde teven van grote rassen hebben dit probleem relatief vaker dan teven van kleine rassen. De teef voelt niet (meer) dat ze moet plassen. De kringspier van de blaas is niet stevig genoeg meer en waar de hond gelegen heeft is het nat van de urine. Voor het weer wat sterker maken van de te slappe kringspier bestaan goede medicijnen. Ook een vaak voorkomend probleem is het opeens weer in huis plassen na een grote emotionele verandering verhuizing, eigenaar overlijdt, medehuisdier overlijdt, ander bankstel, baby in huis, echtscheiding. Belangrijk is dan om het vertrouwen van het dier te herstellen. Herhaal de basisoefeningen, zit, af, kom enzovoorts. Geef de hond een vaste plek en ga op vaste tijden uit. Blijft het vervelende plasgedrag, dan kan een DAP verdamper vaak heel goed werken. Deze verspreiden hondenferomonen (lokstoffen), die de hond een geruststellend " thuis " - gevoel geven. Zelf merkt u er overigens niets van. Als niets lijkt te werken bestaat er de mogelijkheid tot gedragstherapie, met vaak goede resultaten.
Plasproblemen bij de volwassen gecastreerde kat

 

Plasproblemen bij de gecastreerde kater of poes zijn onder te verdelen in twee problemen :

De kat die gaat zitten plassen en waarvan u de plas op de grond vindt, en de kat, dit kan ook een vrouwtje zijn, die ergens tegenaan sproeit waarvandaan het naar beneden druipt.
 
De kater of poes die ergens gaat zitten plassen en geen afwijkingen bij het urineonderzoek vertoont is óf nooit goed zindelijk geweest óf heeft ergens een probleem mee. Allereerst kan het zijn dat hij de kattenbak niet waardeert. U kunt experimenteren met: kattenbak zonder of juist met kap, verschillende soorten vulling, twee kattenbakken per kat, sommige katten willen niet poepen en plassen op dezelfde bak, andere rustiger plaats, etensbak en kattenbak nooit dicht bij elkaar. Maak de plekken waar de kat geplast heeft nóóit schoon met iets waar ammonia inzit, dit ruikt volgens de kat naar urine en leg een stuk aluminiumfolie neer op de plekken waar de kat plast. Plast de kat op het bed, dan is de oplossing simpel : slaapkamerdeur dicht houden. Heeft uw kat dit probleem, leg dan ook geen kleren of tassen op de vloer.

Plast uw kat maar op één vervelende plek zet daar dan tijdelijk een extra kattenbak neer. Is de plaats echt onhandig bijvoorbeeld achter een deur, leg dan op die plek een stuk aluminiumfolie en plaats de extra kattenbak daar zo dicht mogelijk bij. Als uw kat dan daarin plast schuif de bak dan elke dag een klein stukje meer naar een plek waar hij niet in de weg staat. Als uw kat al langere tijd op meerdere plekken plast en een blaasontsteking of blaasgruis is door uw dierenarts uitgesloten, dan moet u de kat helemaal opnieuw gaan trainen, omdat deze een gedragsprobleem heeft. U moet de kat opsluiten in een kleine ruimte, bijvoorbeeld de douchecel, geen matjes op de grond of kooi met kattenbak met eten en drinken. Laat hem hier één week zitten. Daarna mag de kat alleen los als u heel goed op hem kunt letten. Ga klaar zitten met een plantenspuit. Zodra de kat ergens wil gaan plassen spuit u hem met de plantenspuit zodat hij schrikt, waarna u hem terugzet in de doucheruimte of kooi. De kat krijgt zo weer een kattenbaktraining. Vaak kan de kat dan na kortere of langere tijd weer helemaal los in huis rond lopen. Is dat niet gemeen, zo'n plantenspuit ? Nee, want het is maar water. Feitelijk beledigt U hem slechts. Is dat opsluiten niet gemeen ? Een beetje wel natuurlijk, maar u doet dat niet zomaar.
 
Het andere veelgehoorde probleem is het in huis sproeien. Een ongecastreerde kater hoort dat te doen en moet natuurlijk zo snel mogelijk gecastreerd worden. Het sproeiprobleem komt vaker voor in huishoudens met meerdere katten, waarbij territoriumgedrag een rol speelt. Katten die in huis sproeien willen zich laten gelden of zijn ergens over gefrustreerd. Eenmaal aangeleerd is het niet zo makkelijk af te leren. U kunt ook bij dit probleem proberen het ongewenste gedrag af te leren door met de plantenspuit op hem te spuiten zodra hij gaat sproeien. Opsluiten is hierbij echter zinloos. Hoe eerder u begint met het corrigeren, hoe meer kans u maakt om het hem af te leren. In een aantal gevallen helpt een hormooninjectie, en soms werken homeopathische middelen heel goed. Ook het inspuiten van de favoriete sproeiplekken met Feliway, een katten feromonenspray wil nog wel eens helpen. Overleg dit probleem dus ook altijd met uw dierenarts. Net als bij honden is ook bij katten een voorkomend probleem het opeens weer in huis gaan plassen na een grote emotionele verandering, verhuizing, eigenaar overlijdt, medehuisdier overlijdt, ander bankstel, baby in huis, echtscheiding. Belangrijk is dan om het vertrouwen van het dier te herstellen. Bij katten betekent dit verwennen met lekker eten en veel aandacht en het creëren van lekkere slaapplaatsjes, dat kan ook bijvoorbeeld een trui van uzelf zijn. Door het verminderen van de stress heeft hij dan geen behoefte meer in huis te plassen. Werkt deze geduldige, liefdevolle aanpak niet, dan moet hij toch weer zindelijk gemaakt worden zoals hierboven beschreven, dus met opsluiten en plantenspuit.