-
Majesteit 2003 - 2004, nr: 30, 31, 32
-
-
Een
klein, mager katje
- Céline, onze volwassen dochter en
tevens buurvrouw, zag haar als eerste, toen ze van haar werk naar
huis kwam gefietst. Een klein, mager katje, met een overwegend witte
vacht, dat in een gat onder een bouwkeet verdween. Locatie: bouwterrein
metrostation Ganzenhoef, Amsterdam - Bijlmermeer. Wij wonen hier vlakbij.
Een tijdje later zag Céline haar weer. We besloten wat kattenvoer
voor haar neer te zetten achter de fietscontainers. Gehurkt in urine
en afval konden we het bakje onder een hek achter de container neerzetten,
en met een stok wat verder schuiven, aan het oog en plasstraal onttrokken.
-
-
Oude jas
- Door de weeks deed Céline dat, in
haar vrije dagen mijn man Henk en ik, totdat Céline aangaf geen
zin meer te hebben om te voeren. Met haar nette “ kantoorjas ” gehurkt
in vaak nog schuimende urine, kon ze dat niet langer opbrengen.
Ik deed het dan maar, met een oud jasje aan. Henk ging mee. Ik zou
problemen kunnen krijgen. Er zijn nogal wat ratten in de buurt,
en ik weet dat veel buurtbewoners er niet van houden als er zwerfkatten
en ratten met voer gelokt worden.
-
-
Opwachten
achter het hek
- Het katje wist het voer meteen te
vinden en zat ons al spoedig iedere avond achter het
hek op te wachten. Zodra wij ons na het plaatsen van het voer verwijderden,
zag je, achterom kijkend, dat ze er meteen naartoe ging. Op een
dag zagen we dat ze hinkte. Ze had haar achterpootje bezeerd.
Gelukkig was dat een dag later weer over. Ik had Ronald van Soest,
van de Stichting Hart voor Kansloze Dieren, van dit poesje verteld.
Hij vond net als wij dat een tijdelijke bouwplaats geen geschikt
woonoord voor haar was, en dat ze op korte termijn gevangen moest
worden.
-
-
Gewend
- Na verloop van tijd was het poesje
zo aan ons gewend dat we haar ook konden voeren als het nog licht
was. Ze liet ons inmiddels vrij dicht bij haar komen. Ze was gewend
aan een vaste voedertijd.
-
-
Wat duurt wachten
lang…
- Op 2 april was het dan zover. Ronald
leende ons een vangkooi en gaf instructies. ’s - Avonds zagen we kans
achter het hek te komen en daar de vangkooi te plaatsen, op de plek
waar anders haar bakje voer stond. Met wat
vocht uit een blikje tonijn had ik
een spoor uitgezet naar de kooi toe en erin. We liepen weg en poesje
ging gauw naar haar vermeende voederbakje toe. Wat duurt wachten
dan lang… Eindelijk, na een minuut
of vijf hoorden we de klap! Het luikje was dichtgeslagen. Het poesje,
helemaal in paniek, was gevangen! We hebben de kooi meteen afgedekt
met een daarvoor meegebracht badlaken, en op een karretje naar huis
gereden
-
-
Ongetemd dynamiet
- In het flatje van Céline heeft ze
zo de nacht doorgebracht. Ze gaf geen kik. Bij ons, met drie katten,
zou het onnodig stress gegeven hebben. De volgende morgen kwam Ronald
haar ophalen. Ze werd naar de praktijk van de dierenarts waar hij
werkt gebracht. Ik ging mee. Ik wilde zien hoe ze er van dichtbij
uitzag, en foto’s maken. Ronald trok leren handschoenen aan en wilde
haar uit de kooi tillen. Maar dit ongetemde stukje dynamiet ontsnapte
en vloog in doodsnood naar het raam. Ze klom in het stalen ( ! ) raamkozijn
tot bovenin. Nooit gedacht dat zoiets kon ! Daarna hing ze bovenin
de vitrage voor een ander raam. Uiteindelijk ving Ronald haar, en
stopte haar in een kooi met een kattenbakje, eten en drinken, na
haar eerst tegen parasieten behandeld te hebben.
-
-
Wat een snoetje !
- Nu kon ik haar eindelijk eens goed
bekijken. Oh, wat een snoetje,
zo fijntjes. Wat was ze klein. Ze was vuil en haar neusgaatjes waren
grijs van het stof. Ze had prachtige, goudkleurige oogjes. Verstijfd
van angst bleef ze doodstil zetten.
Ronald kon haar aaien. Gelukkig
viel ze niet aan. Ze was wel bang, maar niet agressief. Mooi meegenomen.
Ik durfde mijn hand toch niet in de kooi te steken. Ik kriebelde
wel even met mijn vingers in haar nekje, tussen de tralies door.
-
-
Overgang
- Ze kreeg de gelegenheid een
paar dagen tot rust te komen voor ze gesteriliseerd zou gaan
worden. Wat een overgang voor
zo’n klein katje, van de rumoerige
sloop - en bouwwerkzaamheden, naar de rust van de kooi in een apart
kamertje in de dierenartsenpraktijk. Dierenarts Chris Polanen zou
haar een paar dagen later onderzoeken op kattenaids en leucose,
en steriliseren en wat later inenten.
-
- Poes
erbij
- Ik wilde haar graag aan ons kattentrio
toevoegen, dit ‘ snoepje ’, maar hoe zal ons Fientje, onze getraumatiseerde
Tonkinees haar ontvangen. Met katers heeft zij geen probleem. Daarvan
heeft ze er twee tot haar beschikking. Céline had
vroeger een oude Siamees, die vaak met haar
mee bij ons op bezoek kwam. Een paar buurkaters kwamen hier ook
wel over de vloer. Fientje kruipt graag tegen een warme kater aan.
Maar een andere poes erbij, dat is andere koek. Of niet misschien ?
Henk vindt drie katten voldoende, maar ja. Sjarrel is hartpatiënt,
staat op medicijnen, en Rooie, Fien ’s favoriete kruik heeft vermoedelijk
kanker. Een röntgenfoto van zijn borst toont een afwijkend beeld. Dankzij
prednison kan hij weer eten, maar hoelang nog ? Nu moet ik bekennen
dat wij nogal egoïstisch zijn. We willen best een zielige straatkat
opnemen, maar we willen er bovenal plezier aan beleven. Dit lukte
drie keer achter elkaar wonderwel. Zou het nu ook weer lukken met
deze kleine bouwterrein poes ?
-
-
Lichtgewicht.
- 10 april. Het kleine dingetje is gesteriliseerd
en gewogen. We gaan haar Mika noemen. Ze
weegt slechts 2.2 kg. en had
een gigantische baarmoederontsteking ! Godzijdank is ze nu van
de straat en medisch verzorgd. Ze was dus al een tijd ziek. Volgens
dierenarts Chris Polanen had ze nog hooguit een paar weken te leven.
Wat een geluk dat we haar op tijd vingen. Ze krijgt nu antibiotica
en pijnstillers doormiddel van een onderhuidse injectie : effectief en minder
stressvol dan het geven van pillen. Inmiddels is mijn man Henk ook
‘ om ’ en bereid haar bij ons in huis op te nemen. Het wordt wel weer
een avontuur. Zijn er problemen, dan gaat
ze naar de opvang van Ronald. Deze verzekering kregen we bij de
vorige gevangen katten ook, maar het bleek toen niet nodig. We hopen
nu maar dat onze drie katten het poesje zullen accepteren en helpen
in te burgeren.
-
- Op bezoek
Elf april. We bezoeken
haar. Ik durf haar nu ook te strelen. We vinden het allebei eng. Ze
zit als bevroren, met grote angstogen en oren plat opzij. Achttien
april. Henk en ik bezoeken Mika in de praktijk. Ronald neemt haar
nu uit de kooi aan haar nekvelletje.
Hij toont ons hoe hij haar op schoot aan van alles laat wennen. Hij
pakt haar bij haar voorpootjes en doet ‘ ochtendgym ’ met haar. Dan
wordt ze op schoot bij Henk gezet. Haar pupillen zijn klein en ze
kijkt nieuwsgierig in het rond. Henk houdt haar bij haar voorpootjes
vast, zoals Ronald dat voordeed. Dan krijg ik haar op schoot. Een
poesje van niks, qua volume wel te verstaan. Het zou leuk zijn als
ze zo klein blijft. Ik kriebel haar achter haar oortjes en in
haar nek, tot ze onrustig wordt. Dan zet ik haar weer terug in de
kooi. Ronald knipt nog even haar vlijmscherpe nageltjes. Dit laat
ze goed toe. Vanwege een kale oorrand, die op een schimmelinfectie
zou kunnen wijzen, wordt er wat haar op kweek gezet. De op kweek gezette
haren bevatten gelukkig geen schimmelsporen, blijkt later.
- Thuis
- Op tweede Paasdag komt Mika bij ons.
Ze zit bij ons thuis in een kooi, een kleine honden-bench. Haar oren
plat opzij van angst en ogen als
schoteltjes. Nu is het aan ons om haar verder te socialiseren. Van
Ronald heb ik de kunst afgekeken. Haar veel aandacht geven en aaien, luidt
het advies. Regelmatig uit de kooi halen is ook belangrijk. In haar
geval kan dat goed aan haar nekvelletje.
Het is immers net een kitten. We
moeten overwicht zien te krijgen en te houden, en zorgen dat ze zich
aan ons onderwerpt. Kortom, we moeten haar temmen. Ze is vermoedelijk
nooit eerder in handen geweest.
-
- Verstijfd van
angst
- Het zal lang duren tot we haar hier
vrij door de flat kunnen laten lopen, is de voorspelling. Als ik haar
uit de kooi til, en op schoot
zet, stevig vasthoudend, is ze nog steeds verstijfd van angst. Door
dit vaak te doen, wordt ze verondersteld dit fijn te gaan vinden.
Ik knip eerst nog maar haar nageltjes. Ze zijn alweer vlijmscherp.
Na twee dagen is ze een beetje
ziek. Ze ligt er suffig bij en wil niets eten. Ze heeft diarree. Volgens
Ronald is dat een reactie op de enting. Ze krijgt pijnstillers van
mij. Gelukkig laat ze zomaar iets in haar bekje stoppen. De volgende
dag voelt ze zich weer beter en heeft ze honger als een paard. Ze
ziet er weer levendig uit. Ze speelt zelfs voor het eerst met speelmuisjes.
Als ze slaapt rolt ze zich nu voor het eerst helemaal op, met haar
snuitje weggestopt. So far, so good.
-
- Gedwee
- Bij mij op
schoot zittend, naast de open kooi, is ze heel gedwee. Ik kan de losse
korstjes uit haar vacht kammen. Dat vindt ze prettig. Zodra ik haar
loslaat springt ze haar kooi in, van waaruit ze een mooi uitzicht
heeft op een groot deel van de kamer. Ze kan zien hoe de andere katten
bij ons op schoot zitten.
-
- Na vijf dagen
snorren !
- 25 April. Groot nieuws: Mika snort !
‘s - Avonds op schoot snort ze langdurig. Wat een mijlpaal, de vijfde
dag hier. En nu al in katzwijm !
Ontsnapt
26 april. Mika ziet kans aan mijn greep
te ontsnappen. Ik had haar niet goed in haar nekvel beet. Ze
voelde dat en vertrok. Eerst probeerden
we haar te vangen, maar een achterna gezeten dier wordt steeds banger,
dus besluiten we haar even met rust te laten en te kijken wat ze gaat
doen. De andere katten hebben niets
in de gaten.
Er
gebeurt helemaal niets. Met een zaklantaarn ga ik op zoek onder de
meubels. Ik vind haar al snel, vlakbij haar kooi. Ik ga op de grond
bij haar liggen en praat lief tegen haar. Ze ligt met ineenvouwen
polsjes. Ik mag haar aaien, en o wonder, ze laat zich oppakken en
terugzetten in haar kooi.
- Slapen
- Ronald had ons voorspeld dat zodra
ze zo ontspannen op schoot snort,
ze zich dus op haar gemak begint
te voelen, en dan wel een aantal dagen achter elkaar zal gaan slapen.
Door alle doorstane stress is ze erg moe en heeft ze veel slaap
nodig. Inderdaad slaapt ze bijzonder veel. Weer een etappe verder.
Volgens plan
Mika is nu een week bij ons. Alles
verloopt volgens plan, maar we zijn er nog lang niet. Als ik bij
haar kooi kom, gaan haar oren nog steeds plat opzij van angst. Ze
is nog niet erg op eten gericht. Droogvoer blijft vaak uren staan.
Dat ken ik helemaal niet. Ons trio eet altijd het droogvoer op,
alsof ze achterna gezeten worden.
Inmiddels heeft Rooie al aan de kooi gesnuffeld,
waarop Mika wild naar hem uitviel. Rooie schok zich wezenloos, dit durfde
Mika niet eerder.
- Wassen
- Mika spuugde haarballen. Geen wonder.
Ze wast zich inmiddels uitgebreid. Dat durfde ze eerst niet in ons
gezelschap, alle aandacht was volledig op haar nieuwe omgeving gericht.
Haar kooi staat bij de verwarming, dus ze zal wel veel winterharen
verliezen. Ik besloot haar te borstelen met een rubber noppenborstel.
Ze vond het heerlijk ! Vrijwel meteen begon ze te snorren. Helemaal
in katzwijm. Prachtig. Zij blij, ik blij. Haar buikje ontzie ik.
Het litteken is erg groot vanwege de baarmoederontsteking.
Als ze wakker is, neemt haar belangstelling voor wat er in de kamer
gebeurt toe. Angst maakt plaats voor nieuwsgierigheid.
- Lekker in de
verblijfskooi
- Inmiddels is ze twee weken bij ons.
Erg veel verandert er niet. Ze slaapt inmiddels minder. ‘s Morgens
speelt ze veel en wild met haar speeltjes. Ze taalt er nog niet
naar de kooi uit te mogen. Ik haal haar twee keer per dag uit de
kooi, zo’n halfuurtje per keer.
Ze
snort altijd. Ik hoef haar ook niet meer vast te houden. Ze blijft
zoet liggen. Zodra ze erg onrustig wordt, breng ik haar terug naar
de kooi. Mika heeft inmiddels veel meer trek gekregen. Droogvoer
laat ze nu echt niet meer staan. Het blikvoer dat ze een keer per
dag krijgt, wordt zowat mijn hand uitgetrokken. Het is in een ommezien
op. Het voedsel krijgt ze gespreid over de dag in vijf maaltjes.
Fientje heeft het er moeilijk mee dat er ineens zo’n poesje bij
is gekomen. We waren hier al bang voor. Soms staat ze op de kooi,
naar beneden te grommen en blazen. Kleine Mika steekt dan een pootje
al meppend door de tralies, zonder
een kik te geven.
-
- Met tegenzin
de kooi
in
- 7 Mei. Gisteren lag Mika ’s - avonds
lang op schoot. Ik had zelfs moeite haar
eraf te krijgen ! Ze lag heerlijk ontspannen, ging af en toe verliggen,
én maar snorren. Maar daar deed ik dan ook met twee handen van alles
voor. Voor het eerst ging zij
met tegenzin haar kooi in. Ik heb Ronald verteld van de vorderingen.
Hij waarschuwde mij. Ik moet de baas zien te blijven, me niet door
haar laten inpakken. Ik moet haar de volgende keer op de bank naast
me leggen, en ervoor zorgen dat ze de bank niet afkomt. Tjonge,
dat is haast niet te doen, vrees ik. Dit moet ik maar eens proberen
tegen de tijd dat ze honger heeft. Als ze dan toch ontsnapt, komt
ze vanzelf wel naar de kooi om te eten. Op de vogels die ze door
het raam ziet, reageert ze heel heftig. We wonen op tien hoog. Gelukkig
is ons balkon goed beveiligd.
Naar het raam
’s - Avonds pak ik Mika weer uit haar
kooi en lig lekker lui met haar op mijn borst. Als ze een beetje
onrustig wordt, pak ik haar op en leg haar naast mij neer op de
bank. Ze ligt lekker op een pluizig kussentje. Ik wil hier een foto
van maken en rijk naar de camera op tafel. Frrrt, weg is Mika. Als
een speer vliegt ze naar het balkonraam. Zodra ze ervaart wat glas
is, vliegt ze door naar de bijkeuken. Ze komt weer terug de kamer
in en verdwijnt onder de grote lage tafel waar haar kooi op staat.
Ons trio heeft niets gemerkt, ze sliepen alle drie op bed. Toen
ze de kamer binnenkwamen viel het hen aanvankelijk niet op dat Mika
onder haar kooi lag. Op een gegeven moment kreeg Fien in de gaten
dat de kooi openstond, ze ging er naartoe en snuffelde op haar achterpootjes
staand in de kooi Mika snuffelde aan de buik van Fientje, zonder
dat die wat merkte. We hielden onze adem in, maar er gebeurde niets.
Mika komt haar mandje niet uit, wanneer ik de katten blikvoer
geef. Ik trek het mandje met haar
erin naar me toe, grijp haar bij haar nekvelletje en zet haar in de
kooi. Nog wat timide gaat ze eten.
Kooi open
8 Mei. Vandaag hoef ik niet weg,
alle tijd voor een experiment. Ik zet de kooi van Mika open, neem
haar eruit, knuffel haar lekker op schoot en zet het nog snorrende
beestje terug in de kooi. De kooi laat ik openstaan. Er gebeurt helemaal
niets. Dan houd ik Sjarrel voor de open kooi. Hij zet een poot erin
om te snuffelen. Zodra hij zich omdraait gaat Mika hem achterna de
kooi uit. Sjarrel loopt weg en Mika gaat haar kooi weer in. Enige
uren slaapt ze daar rustig. Ik ben op de grond voor de kooi gaan zitten,
en lees de krant.
Rooie loopt te zeuren, hij heeft honger.
Ik krijg een leuk idee. Ik pak een doosje kitbits en gooi een aantal
over de grond en op de poef voor Mika ’s kooi. Mika schiet uit haar
kooi en mengt zich in het snoepjesfestival. De katten hebben het te
druk om aandacht voor elkaar te hebben. Snoepjes op? Mika schiet weer
terug in haar kooi. Wat later herhaal ik het strooien. Tot mijn stomme
verbazing schurkt Mika kopjesgevend tegen Rooie aan. Hij zal niet
geweten hebben wat hem overkwam. Wat later herhaalt Mika dit charmante
gedrag ook nog bij Sjarrel, een kostelijk gezicht. De verdere dag
blijft Mika ’s kooi openstaan. Ze springt erin en eruit, urenlang,
steeds iets verder de kamer verkennend. Zodra een van ons in de buurt
komt, vliegt ze angstig de kooi in. Tegen de avond wordt ze overmoedig.
Ons trio wordt er nerveus van. Om de beurt worden ze wild besprongen.
Mika weet van gekkigheid niet meer wat ze moet doen. Om tien uur krijgen
ze blikvoer. Hiervoor springt Mika haar kooi in. Het deurtje wordt
gesloten. Rust in de tent. Meer dan een uur lang probeert Mika uit
te breken. Echt een gekooid beest is het nu. Als we gaan slapen, slaapt
zij inmiddels ook. Ons trio was al naar bed, afgepeigerd door die
kleine dondersteen.
-
Ze
laat zich aaien !
- Mika is weer los. Om lang op schoot
te zitten, heeft ze geen geduld. Lichtvoetig stuift ze kamer in
kamer uit. Moe maar voldaan gaat ze liggen slapen op een van de
kattenslaapplaatsen bij de verwarming. Ik vraag me af of ze zich
door mij zal laten aaien. Ik praat lief tegen haar en loop naar haar toe. Vlakbij gekomen sprint
ze weg. Zodra ik weer weg ben, neemt ze haar lekkere plaatsje weer
in. Ik besluit het opnieuw te proberen. Deze keer blijft ze liggen.
Ik mag haar aaien, vrijwel meteen begint ze te snorren! Ik zou graag
willen dat Mika bij ons komt. Ik probeer haar op schoot te lokken
met een mals stukje vlees. Ze snakt naar het lekkere hapje, maar
op schoot komen, ho maar. Steeds
maar weer haar roepen en het stukje vlees tonen. Eindelijk gooit
ze haar bezwaren overboord en springt op schoot.
Trio over de
Rooie
11 Mei. Mika is los. Ze is wilder
en vrijpostiger dan voorheen. Mika komt overal, zelfs op tafels. Als
ze zo rondstruint, heeft ze een roofdierblik in haar ogen. Ze lijkt
wel een soort bunzing op hoge poten. Ze begint te wennen aan ons dag -
en nachtritme. Overdag reuze actief, de schrik van de flat, en ’s - nachts
in haar kooi, gedwongen rust. Ons trio is echter helemaal over de rooie en schrikt nu ook van elkaar ! Dit vinden we heel erg. Hopelijk
lost dit zich vanzelf op, anders: operatie gelukt, poes moet weg !
Mijn hoop is op Sjarrel gevestigd. Hij durft haar terecht te wijzen.
Soms bromt hij tegen haar, en geeft haar een mep. In de middag springt
Mika nog even bij Rooie en Fien, die samen liggen te slapen. Gelukkig
sprong ze meteen weer weg toen ze merkte niet welkom te zijn. Wat
later kreeg ik een inval. Sjarrel lag lekker te slapen en Mika ook.
Ik legde Mika voorzichtig bij de slapende kater. Hij werd wakker en
begon meteen haar kopje te likken. Mika snorde luid. Ik kreeg net
genoeg tijd hier een foto van te maken, daarna sprong Sjarrel weg.
Hij vond haar toch nog eng.
Ronald
Ronald concludeert uit mijn verhaal
dat Mika zich nu in een ontplooifase bevindt. Het advies luidt : als Mika zich misdraagt, haar in de kooi zetten om het drietal op adem
te laten komen. Onze aandacht moet vooral op onze drie katten gericht
zijn. Dit vind ik erg moeilijk. Ik mag haar nu aaien als ze ergens
ligt te slapen. Ik kan haar vertrouwen niet beschamen door haar dan
in de kooi te zetten.
13 Mei. Inmiddels zijn er minder
problemen. De ouwetjes beginnen wellicht te wennen
aan dit vrijpostige roofdiertje. De katers hebben niet zo’n probleem
met Mika, maar Fientje helaas wel. Mika maakt Fientje steeds aan het
schrikken. Om te slapen kruipt Fient weg. Dit is niet goed. Ik was
hier al bang voor. We besteden veel aandacht aan Fientje om haar vooral
het gevoel te geven dat ze belangrijk voor ons is.
Leven in de
brouwerij
Het is ook wel wennen zo’n jong ding
in huis, ook voor ons. Met alles wordt gespeeld. Leven in de brouwerij!
Het valt mij nu op dat er tussen ons trio niet meer gestoeid wordt
de laatste tijd. Niet zo lang geleden zaten ze elkaar door de flat
achterna. Ook Fien kon zeer wild spelen, maar door dit indringertje
vergaat haar de lust daartoe. Groot
nieuws : Fientje treedt eindelijk op tegen Mika ! De maat was blijkbaar
vol. Fien dreef Mika in een hoek en maakte gevaarlijke geluiden.
Door al die herrie kwam Sjarrel er ook meteen op af, met alle haren
overeind. Heel indrukwekkend. Sjarrel nam plaats naast Fien. Mika
kon geen kant op. Na enige minuten lieten Fien en Sjarrel, Mika langzaam
wegkruipen Een soortgelijke situatie herhaalde zich nog enkele
malen, steeds in aanwezigheid van Sjarrel. We waren trots op Fien
dat ze nu eindelijk eens voor zichzelf opkwam en niet langer op de
vlucht ging. Fientje slaapt nu ook weer gewoon in de kamer, op haar
eigen plekjes.
15 Mei. Vandaag is het zes weken
geleden dat we Mika vingen. Terugkijkend zijn we redelijk tevreden.
Het was behoorlijk enerverend, maar ook bevredigend. Vaak zaten we
‘op het puntje van onze stoel’. We waren verrast dat Mika zo graag
tegen een kater aan ligt. Ronald zei dat Mika ’s gedrag heel gewoon
is, hij had niet anders verwacht. Ex - zwerfkatten zijn over het algemeen
zo sociaal. Bij hem thuis kruipen ze ook graag bij elkaar. Wat jammer
toch dat het zo weinig bekend is dat in deze schuwe zwervers zulke
leuke huisgenoten schuilgaan. Het is heerlijk zo’n angstig beestje
zich te zien ontplooien tot een fleurig huisgenootje. We hopen nu
dat Mika uiteindelijk ook bij ons op schoot zal komen. Ze vindt het
immers heerlijk om geknuffeld te worden.
16
Mei. Voor Mika is het ‘ op eieren lopen ’ Een verkeerde stap en
Fien valt grommend en blazend naar haar uit. De katers mengen zich
er niet echt in, maar zijn wel van de partij, als een soort ramptoeristen.
Soms begint Mika zelf door Fien ineens te bespringen. Misschien speels
bedoeld, maar niet zo opgevat. Mika en Sjarrel spelen en stoeien leuk
met elkaar, tot beider genoegen kennelijk, want ze geven geen kik
en zetten ook hun haren niet overeind. Om de beurt nemen ze het initiatief.
Ronald kan niet voorspellen hoelang het zal duren voor de poezen in
vrede met elkaar kunnen leven. Het kan best wel maanden duren als
het tegenzit. Gelukkig hebben we de kooi om de nieuwkomer in te zetten
en iedereen tot rust te laten komen.
Mika slaapt het liefst stijf tegen Sjarrel
aan. Ze is stapel op hem. Het lukt haar alleen als ze heel voorzichtig
te werk gaat en hij diep slaapt. Hij is wel aan Fientje gewend en
vindt dat prima. Mika vindt hij een lastig kind. Leuk om mee te spelen,
maar aljeblieft niet mee slapen. Aan de Rooie besteedt Mika amper
aandacht. Zo houdt Fientje haar eigen kater zonder hem te hoeven delen.
De situatie tussen Mika en Fientje is onveranderd. Het gaat alleen
goed als ze beide zo verstandig zijn bij elkaar uit de buurt te blijven.
Soms lukt dat een halve dag achter elkaar.
Mika is hier inmiddels ruim 5 maanden.
De kooi is eindelijk de kamer uit. Tot voor kort at Mika haar avond-blik-maaltijd
nog in haar kooi. De andere katten konden dan ook rustig eten. Nu
moeten we goed opletten dat niet al het voer in Mika verdwijnt. Mika
is helaas niet zo klein meer, maar een hele schoot vol, met een prachtige
dikke vacht. Voor Fientje, ons oosters Poesje is Mika een krengetje,
maar voor de katers en ons mensen is het een allerliefst speels, onverschrokken,
makkelijk en blij katje. Mika is goed sociaal geworden. Ze laat ‘ alles ’
met zich doen en zo hoort het ook ! De kroon op mijn socialisatie - werk
is wel de fotoserie die ik van haar kon maken met, zelfs met een kerstmuts op.
’s - Nachts, zodra het licht in de slaapkamer
uitgaat, komt ze vaak snorrend op mijn schoot liggen, terwijl ik met
afgeslagen dekens op mijn rug lig. Verder wil ze alleen op schoot
als Sjarrel erop ligt. Dat valt niet mee. Mika hangt er dan zo’n beetje
bij aan. Sjarrel, Mika haar grote liefde, is nog steeds niet erg van
haar onstuimige liefdesbetuigingen gediend. Hij bromt dan tegen haar
en bijt haar om haar af te weren. Uiteindelijk krijgt zij het bijna
altijd voor elkaar lekker bij hem te slapen. Als ze maar lang genoeg
aanhoudt, wordt haar aanwezigheid door hem gedoogd. Als ik ’s -
nachts
naar het toilet ga, zie ik ze meestal 2 bij 2 liggen slapen. Mika
draait mee als volwaardig lid van ons gezin. Dat betekent dat zij
ook bedelt aan tafel en na afloop van de maaltijd meehelpt de borden
“ af te wassen ”.
Ons balkon
is door Ronald met Guido van de Stichting Hart voor Kansloze Dieren
helemaal (ook van boven) met gaas afgezet. Er kan geen kat doorheen,
maar ook geen vogels. Guido heeft voor ons ook een hordeur met kattenluik
gemaakt. Mika is de enige die hier gebruik van maakt. Ze loopt lekker
in en uit, ook ’s-avonds laat en in de regen. Af en toe wordt er nog
stevig geknokt tussen Fientje en Mika. Het botert nog steeds heel slecht
tussen hen. Na menig beroerde dag ben ik van plan geweest om ten einde
raad Ronald te bellen om te vragen Mika van ons over te nemen.
Ik wacht dan nog een dagje en dan gaat het ineens weer even wat beter.
Fientje heeft een heel moeilijk karakter. Ze is heel kwetsbaar en onzeker.
Fien is gek op de katers, die haar op hun beurt respecteren.
Fien
wordt liefdevol bejegend door ons allemaal, behalve door Mika. Mika
maakt Fien aan het schrikken, besluipt en bespringt haar, zelfs op de
kattenbak ! Fien is dan zo van streek dat ze zelfs blaast naar de katers
en hapt naar ons mensen. Fien deed ook al 2x een plasje in de krantenbak.
We weten dan ook nog steeds niet of Mika wel bij ons kan blijven. We
bekijken het van dag tot dag en blijven hopen op betere tijden, waarin
de haren na een gevecht niet in het rond vliegen. Laatst was Mika een
paar dagen wat ziekig. Het was opvallend hoe vrij en vrolijk Fientje
zich ineens gedroeg. De stress viel even van haar af. Ze rollebolde
ontspannen over de vloer als vanouds. Zodra Mika weer beter was, was
Fien weer een gespannen bonkje poes.
Soms
missen we Fien en Mika. Dan blijkt dat Fientje, Mika ergens in een hoek
gedreven heeft en ‘ op wacht ’ in slaap is gevallen. Mika heeft het zich
in haar vluchthoekje dan ook maar gemakkelijk gemaakt. Op advies van
Ronald hebben we de poezen een tijdje een antistress middel gegeven.
Fientje werd daar heel angstig van, het werkte bij haar averechts. Aan
Mika kon je niet veel merken maar ze speelde niet meer. Het enige wat
ze deed was Fien achterna zitten … Pech !
Nu is
het inmiddels 1 ¼ jaar geleden dat Mika bij ons kwam. Het is een heerlijk
poesje met groot aanpassingsvermogen. Soms een behaagziek vlijerig poesje.
De toestand tussen haar en Fien is helaas onveranderd. Wel kan gezegd
worden dat Fientje er niet meer onder gebukt gaat. Ze is toch wel weer
haarzelf geworden. Dat is belangrijk voor ons. Wat schermutselingen
tussen de poezen onderling is niet zo heel erg. Ik houd de nageltjes
kort zodat ze elkaar daar niet mee kunnen verwonden, als ze erop los
meppen. Sjarrel is gestopt met zijn verweer tegen Mika en heeft haar
volledig aan zijn zijde geaccepteerd. Mika gaat gewoon haar eigen gangetje
om dan ineens mij of Sjarrel te claimen om lekker aandacht af te dwingen.
Ze kan heel hartstochtelijk knuffelen. Kortom een ideaal poesje ! De
andere 3 katten vragen veel meer aandacht. Krant lezen is vaak een probleem
omdat daar dan een kat op gaat liggen; ze zijn opdringeriger dan Mika.
Het zijn alle vier ook schootpoezen geworden, ondanks hun achtergrond :
verwilderde zwerfkatten.
|